Het uitzicht van de automobilist

Vandaag (2 december 2009) lees ik in de Volkskrant een interview met prof. ir. Francine Houben. Zij is creatief (!) directeur en grootste aandeelhouder van Mecanoo. Dat is niet dat knutsel en frutsel constructiespel dat ik tijdens mijn zorgeloze jeugd speelde, maar een architectenbureau dat ontwerpen bedenkt over de hele wereld, aldus de Volkskrant.
In het interview breekt ze een lans voor de automobilist in ons land. “De automobilist is lang verwaarloosd, …, en het uitzicht van de automobilist ondergewaardeerd.” Het beleid van de overheid leidt er toe dat de snelweg “verwordt tot een corridor tussen geluidsschermen en bedrijventerreinen”. Dat vindt Francine zielig.
Weemoedig denkt ze aan Almere, waar het ooit mogelijk was om vanuit de auto de schoonheid van de stad te zien, het groene wonen, het water. “In 1999 suggereerde ik dat er borden langs de weg moesten komen met ‘Hier is de Hollandse Waterlinie’ en dergelijke. Zoals je dat ook in Frankrijk hebt”.
Heel creatief van Francine.
Hoe zit dat dan in Frankrijk? De familie Doorsnee rijdt over de Autoroute du Soleil naar de gereserveerde gite in de Dordogne. Staat er ineens een bord langs de weg “Ici a gauche le Chateau du Chambord”.
“Wat is dat Pap?”
“Uh, niks jongen, gewoon een kasteel, zoals je er hier meer hebt”.
“Maar, moeten we daar dan niet naartoe?”
“Nee, vooruit, we moeten die gite nog halen voor vanavond”, mengt moeder Doorsnee zich in het gesprek.
“Straks bij de volgende aire, kunnen jullie spelen, daar is ook een speeltuin bij”, besluit Pa, en hij trapt de gaspedaal nog maar eens flink in.
En weg zakken de twee kids, op de achterbank.

Wat is dit voor een rare gedachte dat autorijden iets moet bijdragen aan toeristisch bewustzijn? Of denkt de lobby van de plaatselijke VVV hier iets te scoren? Alsof dat kasteel al niet voldoende bezoek krijgt.
Net zo bizar is het als automobilisten met dedain spreken over de zogenaamde naargeestigheid van sommige streken waar ze doorheen trekken (lees: scheuren).
“Dat stuk in Noord Frankrijk, wat lelijk en saai is dat toch! Allemaal industrie en de mensen kijken er ook zo somber!”
Onnozele lui! Uitspraken gebaseerd op één willekeurige streep dwars door het landschap.
Fietsers die zich de tijd gunnen om een gebied te verkennen weten wel beter…

Ik gun iedere soortgenoot zijn of haar plezier, maar de automobilist dient te beseffen dat hij met zijn voertuig veel hinder veroorzaakt. Aan dat beeld kan geen strookje zoab-asfalt, geluidsstillende technologie of roetfilter iets veranderen. Als je toch wat wilt toeren ga dan asjeblieft naar die plekken waar anderen er geen last van hebben, de Zweedse bossen of de Nevada-zandbak bijvoorbeeld. Ruimte zat daar.
Vroeger toen de auto nog een weinig verbreid verschijnsel was, kon het nog, met je vader op de zondagmiddag ( “Op een mooie Pinksterdag”) een uitstapje maken. De ANWB hielp een handje met bordjes, Kempenroute linksaf. Laten we van dat romantische beeld nu maar afscheid nemen. Autorijden is geen fun-rijden, er moet ook naar gebruik voor betaald worden. Voor onze Camiel Eurlings is deze kogel nu ook door de kerk.
Autorijden is een noodzakelijk kwaad, niet meer uit te roeien, zo reëel ben ik inmiddels wel.

Francine Houben mag van mij ook door gaan met haar luchtfietserij. Waar droomt zij van? De automobilist die arriverend op de plaats van bestemming vol is van wat hij/zij onderweg tegen is gekomen?
“Ik kwam nog langs Kasteel Zeist!” (het kasteel zelf zag hij niet liggen)
“Wat ligt dat Nieuwegein er toch mooi bij joh!”
“Weet je wat ik nog zag? Twee koeien!”


Dream on Francine Houben. Mijmer nog maar wat door over ‘je mooiste geluidswallen’.
Ze besluit met een ferme uitspraak:
“Het land rond de steden moet zichtbaar zijn. Dat is essentieel”.
Heel goed Francine, zichtbaar, zonder al dat blik.

Marc Peeters

Ps. Een dag later zie ik schrijver Joost Zwagerman op TV in de ‘Top 2000 a gogo’ zijn favoriete plaatje aanprijzen, te weten “Op Fietse” van de Drentse band Skik. Dit liedje weerspiegelt volgens hem perfect het ‘on the road’ gevoel in Nederland. Kijk, dat bedoel ik nou.