Dream on

”Marx had in het communistisch manifest ook nog geen blauwdruk"

Op 19, 20 en 21 mei vond op de campus van de Nijmeegse universiteit het 2e Nederlands Sociaal Forum plaats. Dit forum beoogt een platform te bieden aan allen die interesse hebben of zich willen inzetten voor een ander, beter en vooral socialer Nederland.
De Nijmeegse Stadskrant toog vol verwachting naar de workshop met de intrigerende titel “Zijn marxisme en socialisme alternatieven voor de kapitalistische barbarij?”.

In een achteraf-zaaltje in het Erasmusgebouw verzamelt zich een klein groepje schuchter om zich heenkijkend geïnteresseerden.
Bij de ingang wordt de laatste aflevering van de “Wereldrevolutie”, krant in Nederland van de Internationale Kommunistische Stroming uitgedeeld.
Aan de spreektafel zitten twee mannen van gemiddelde leeftijd stuurs voor zich uit te kijken. Zij zullen zo meteen aftrappen.
“Zo, nog net op tijd voor het uitbreken van de revolutie”, naast mij neemt met een olijke glimlach een oude bekende plaats. De beide sprekers zijn ondertussen een eigen intieme conversatie begonnen. Het lijkt alsof ze hun strategie nog moeten bepalen.
In de zaal zit een gemeleerd gezelschap, varierend van jong naar oud, sommige van allochtone origine. Allen echter ogenschijnlijk bereid om het aanbreken van de rode dageraad aanstonds mee te maken.
Een van de sprekers neemt het woord. De Vlaamse tongval is onmiskenbaar. Hij geeft het woord aan zijn buurman, die hij aanspreekt met kameraad. Kameraad 2 steekt van wal met een verwijzing naar Rosa Luxemburg’s “La socialisme ou la barbarie?”, om te benadrukken dat de wetten van het marxisme eeuwigheidswaarde hebben.
We krijgen een exposé over het kwaad van het kapitalisme, over de hysterische (een amusante verspreking, bedoeld wordt: historische) noodzaak van haar ondergang en over het wenkend perspectief van het communisme. Onderweg worden enkele misverstanden opgeruimd. “De val de muur in 1989 bevatte een leugen en een illusie”. De leugen is dat het stalinisme gelijk werd gesteld met het communisme. “Fout! Stalin was een doodgraver van de revolutie”. De illusie is dat er een vredig harmonieus kapitalisme zou ontstaan (ook bekend als het theorema van Fukuyama). Kameraad 2 verheft zijn stem en verwijst naar de recente rellen in de Franse banlieus: “er staat een nieuwe generatie op, die een nieuw maatschappelijk alternatief zoekt”.
Kameraad 2 springt van de ene rethoriek naar de andere. Het zijn de klassieke noties van de burgerlijke aard van de staat, over de ontwikkeling van de produktiekracht (dank aan het kapitalisme), over de accumulatie van het kapitaal en last but not least de proletarische revolutie. Het wordt allemaal verkondigd met een ernst, waarbij de humor ook op de mestvaalt verdwijnt.
Drie kantjes later knikt de spreker naar kameraad 1, die zich genoodzaakt voelt de procedure uit te leggen en vervolgens het woord aan de zaal te geven. De eerste venijnige vragen gaan over de beloftes van het paradijselijke communisme. “Hoe weet u zo zeker dat in de nieuwe orde de individuele behoeftes beter ingelost worden? U pleit toch niet voor een planeconomie?”.
Kameraad 1 en 2 overleggen onderling voor hun repliek. “We geven allereerst het woord aan de andere kameraden”, wordt er ostentatief besloten. Er blijkt verwarring te zijn rond de begrippen marxisme, socialisme, stalinisme, trotskisme. De sprekers kunnen de vragensteller niet gerust stellen. “Hiervoor kunnen wij nu geen tijd reserveren”.
Op de vraag naar een reëel existerend voorbeeld (Cuba wellicht?), blijft het ook lang stil. Kameraad 2 lukt het dan toch een antwoord op te diepen uit zijn encyclopedisch geheugen. “Marx had ook geen blauwdruk toen hij zijn Communistisch manifest publiceerde”.
In de zaal wordt wat gemord, hier wordt geen genoegen mee genomen. “Hoe zit het met de opheffing van de klassentegenstellingen? Ontstaan er geen andere klassen met hun eigen uitsluitingsmechanismes”? Wederom gaan de beide kameraden met elkaar in conclaaf.
De volgende vraag wordt alweer afgevuurd: “Met de Verelendung in Nijmegen valt het toch wel mee? En vrijheid is er hier genoeg”. Dan krijgen de kameraden steun uit de zaal. Er blijken ook gestaalde kaders aanwezig: “Die vrijheid meneer, die heeft u aan onze vrienden van het sovjet-communisme te danken!”.
Ondertussen heeft kameraad 2 zijn antwoord klaar op een eerdere vraag: “Het communistisch systeem in Cuba kan niet slagen als er elders in de wereld nog zoveel tegenkrachten actief zijn”.
Kameraad 1 wil het woord geven aan een aanwezige die al lang met de hand omhoog zit: “kameraad”, knikt hij goedmoedig.
De onverwacht tot uitverkorene gebombardeerde deelnemer: “Wat doen jullie eigenlijk nog meer dan het geven van dit soort lezingen. Ennuh…… doen jullie ook wel eens iets leuks?”.
Kameraad 2 kijkt not-amused op. “Wij zijn blij dat we in zulke grote getalen hier de discussie kunnen voeren”.
De grote vraag is of de deelnemers aan de workshop nu voldoende munitie hebben gekregen om de aanstaande wereldrevolutie te realiseren. Mocht men wanhopen, kameraad 1 sluit af met de mededeling dat op zondag 4 juni op het kampeerterrein “Tot vrijheidsbezinning” te Appelscha de volgende studiebijeenkomst is (of kijk op internet: nl.internationalism.org).

Juni 2006